Labidochromis vellicans

Labidochromis vellicans is niet de meest kleurrijke Malawi cichlide. Ze worden slechts zo’n 10 centimeter lang. Ze leven in het zuiden van het Malawimeer.

5
(1)

Labidochromis vellicans

Labidochromis vellicans werd voor het eerst beschreven door Trewavas in 1935. De geslachtsnaam Labidochromis is samengesteld uit “labido-“, wat “tang” of “forceps” betekent, verwijzend naar de naar voren gerichte voorste tanden van L. vellicans. Deze tanden geven de vis een tangachtige bek waarmee hij insecten en schaaldiertjes van algenmatten plukt. Het tweede deel, “chromis“, is een oudere naam die teruggaat tot Aristoteles, mogelijk afgeleid van “chroemo” (hinniken). Oorspronkelijk verwees het naar een trommelvis (Sciaenidae) en zijn vermogen om geluid te maken, maar later werd het uitgebreid tot cichliden, juffervissen, stippenbaarsjes en lipvissen (alle baarsachtige vissen die ooit als verwant werden beschouwd). De naam “chromis” wordt vaak gebruikt in de namen van Afrikaanse cichlidengeslachten, naar analogie van Chromis (nu Oreochromis) mossambicus.

De soortnaam vellicans betekent “plukking” of “kiezen”. Hoewel de precieze verwijzing niet expliciet wordt uitgelegd, duidt het duidelijk op de tangachtige tanden waarmee de vis aan matten van epilithische algen knabbelt. Dit corrigeert de eerdere aanname van Trewavas dat de vis kleine insecten en schaaldiertjes eet die op de algen leven.

Uiterlijk, Gedrag en Levensverwachting

Uiterlijk: Labidochromis vellicans heeft een langwerpig, gestroomlijnd lichaam, typisch voor een cichlide. Afhankelijk van de locatie is de grondkleur grijs-bruinig wat op de kop neigt tot geel. De flank is grijs/bruin tot blauwig. De vrouwen blijven grijs/bruin. Op de flank zijn vaak verticale donkere banden zichtbaar. De maximale grootte is ongeveer 10 cm .

Gedrag en Temperament: Labidochromis vellicans is een Mbuna cichlide, wat betekent dat ze in hun natuurlijke habitat rotsachtige gebieden bewonen. Ze zijn voornamelijk planteneters (voeden zich met Aufwuchs) en verdedigen hun territorium fel. Hoewel ze relatief klein blijven, zijn ze niet vredelievend ten opzichte van andere vissen, vooral niet ten opzichte van Non-Mbunas.

Biotoop en Ecologie

Labidochromis vellicans wordt in het wild aangetroffen in Malawi. Ze bewonen rotsachtige gebieden in het zuidelijke deel van het Malawimeer, tussen Namalenje Island en Nkudzi Bay. Hun natuurlijke habitat bestaat uit rotsachtige gebieden in het meer, met veel algen (aufwuchs) op de rotsen. De bodem bestaat uit een rotsachtig substraat, met zand.

Het Malawimeer heeft een tropisch klimaat. Door de grootte en diepte van het Malawimeer zijn de waterwaardes het jaarrond vrij stabiel.

Dieet

Dieet in het wild: In hun natuurlijke habitat voeden Labidochromis vellicans zich voornamelijk met Aufwuchs. Dit is een term voor de biofilm van algen, bacteriën en andere micro-organismen die op oppervlakken in het water groeien. Ze zijn dus hoofdzakelijk planteneters, maar kunnen ook kleine ongewervelden eten. Een studie van Lewis (1982) toont aan dat ze selectief voedsel uit de Aufwuchs halen, in tegenstelling tot wat eerder werd gedacht. Een andere studie toont aan dat ze zich ook voeden met kleine dieren zoals larven van insecten en ongewervelden.

Dieet in het aquarium: In een aquarium kunnen ze gevoerd worden met kwaliteitsvolle vlokvoer of korrelvoer dat voornamelijk uit plantaardig materiaal bestaat, aangevuld met wat eiwit.

Het Aquarium

Aquariumgrootte en inrichting: Voor een klein groepje Labidochromis vellicans (bijvoorbeeld één mannetje en meerdere vrouwtjes) is een aquarium van minimaal 120 centimeter liter nodig. Voor meerdere paren is een aanzienlijk groter aquarium vereist. De inrichting moet rotsachtig zijn, met veel schuilplaatsen en grotten, wat lijkt op hun natuurlijke habitat. Planten zijn niet nodig, maar kunnen toegevoegd worden als extra decoratie. Een zandbodem is het meest geschikt .

Waterwaarden: De ideale waterwaarden zijn een pH tussen 7,5 en 8,5, een totale hardheid (GH) tussen 5 en 15°dGH en een temperatuur tussen 22 en 26°C .

Compatibiliteit met andere vissen: Labidochromis vellicans kan goed worden gehouden met andere Mbuna cichliden, mits er voldoende ruimte en schuilplaatsen zijn. Ze zijn echter niet compatibel met Non-Mbunas, omdat ze hun territorium fel verdedigen en een ander dieet hebben.

Kweek van Labidochromis vellicans

De kweek van Labidochromis vellicans is niet moeilijk. Je kunt ze kweken in een gemengd aquarium. De man lokt een vrouw naar een plek in het zand. Hij laat hiervoor zijn mooiste kleuren zien en met trillende bewegingen zwemt hij met wijd uitgespreide vinnen voor de vrouw langs. Als de vrouw meegaat begint de paringsdans. Het koppel draait om elkaar heen. na een aantal keren om elkaar heen draaien, legt de vrouw een ei in het zand. Al draaiend wordt het ei door de man bevrucht. De vrouw pakt het ei op en neemt het in haar muil. Dit herhaalt zich totdat alle eieren zijn gelegd. De taak van de man zit er nu op.

De vrouw neemt de verdere broedzorg op zich. De eieren komen na drie tot vier dagen uit in de muil van de vrouw. Ze laat de jonge vissen nog niet los. De jonge visjes teren nog op hun eidooierzak en groeien door binnen in de muil van de vrouw. Pas zo’n drie weken na het afzetten van de eieren worden de jonge visjes losgelaten.

Bijzonderheden

Enkele aanvullende details over Labidochromis vellicans die niet in de voorgaande hoofdstukken zijn behandeld:

  • Geografische varianten: Er zijn geografische varianten van Labidochromis vellicans die voorkomen langs de rotsachtige kusten in het zuidelijke deel van het Malawimeer. Specifieke locaties worden genoemd, zoals de westkust ten zuiden van Senga Point tot en met Mpande Island, en de oostkust ten zuiden van Minos Reef tot Chinyamwezi Island.
  • Grootte: Mannetjes kunnen in het meer tot 10 cm groeien, maar in een aquarium, met goede voeding, tot ongeveer 12 cm. Vrouwtjes blijven kleiner, rond de 8 cm.
  • Temperament: De soort wordt beschreven als een van de meest vreedzame kleine cichliden van het meer, tolerant ten opzichte van soortgenoten en andere soorten. In andere documenten wordt echter ook vermeld dat ze hun territorium fel verdedigen. Deze schijnbare tegenstrijdigheid vereist verdere analyse.
  • Verwantschap: De documenten noemen verschillende verwante soorten binnen het geslacht Labidochromis, zoals Labidochromis caeruleus (de gele lab). Er wordt ook gesproken over de moeilijkheid om nauw verwante soorten te onderscheiden op basis van morfologische kenmerken alleen, waarbij kleurpatronen en geografische verspreiding belangrijke factoren zijn.
  • Dieet in het wild: De vis voedt zich voornamelijk met Aufwuchs, maar ook met kleine ongewervelden . Een studie van Lewis (1982) beschrijft een selectieve voedingsmethode waarbij ze specifieke items uit de Aufwuchs halen. Andere studies beschrijven een dieet dat bestaat uit kleine dieren zoals insectenlarven en ostracoden. De variatie in dieet kan mogelijk verklaren waarom sommige bronnen de vis als vreedzaam beschrijven, terwijl andere bronnen hun territoriale gedrag benadrukken.

Het is duidelijk dat er, ondanks de beschikbare documenten, nog steeds hiaten zijn in onze kennis over Labidochromis vellicans. Verdere studie is nodig om een volledig en consistent beeld te krijgen van deze soort.

Conclusie

Labidochromis vellicans is een relatief kleine, maar toch fascinerende Mbuna cichlide uit het Malawimeer. Hoewel ze beschreven worden als relatief vreedzaam ten opzichte van soortgenoten, vereist hun territoriale gedrag een ruime, rotsachtig ingerichte bak met voldoende schuilplaatsen. Een minimum van 300 liter wordt aanbevolen, met een grotere bak voor meerdere paren. De juiste waterparameters (pH 7.5-8.5, GH 5-15°dGH, 24-26°C) zijn essentieel. Beginners zouden beter kunnen kiezen voor een minder veeleisende soort, aangezien de specifieke behoeften en het territoriale gedrag van Labidochromis vellicans enige ervaring vereisen.

Een opvallende eigenschap is de variatie in beschrijvingen van hun temperament; sommige bronnen noemen ze vreedzaam, terwijl andere hun territoriale gedrag benadrukken. Dit wijst op een mogelijke complexiteit in hun gedrag, afhankelijk van factoren zoals de dichtheid van de populatie en de beschikbaarheid van hulpbronnen. Meer onderzoek is nodig om dit aspect volledig te begrijpen. Over het algemeen is het houden van deze soort een uitdaging, maar met de juiste kennis en voorbereiding kan het een lonende ervaring zijn.

Auteur

John de Lange

Copyright foto’s

Pete Barnes

Referenties

Lewis, D. S. C. (1982). A revision of the genus Labidochromis (Teleostei: Cichlidae) from Lake Malawi. Zoological Journal of the Linnean Society. Deze bron bevat uitgebreide taxonomische en ecologische informatie, inclusief dieet en verspreiding.

Hoe nuttig was dit bericht?

Klik op een ster om deze te beoordelen!

Gemiddelde waardering 5 / 5. Stemtelling: 1

Tot nu toe geen stemmen! Wees de eerste die dit bericht waardeert.

Omdat je dit bericht nuttig vond...

Volg ons op sociale media!

Het spijt ons dat dit bericht niet nuttig voor je was!

Laten we dit bericht verbeteren!

Vertel ons hoe we dit bericht kunnen verbeteren?