Nothobranchius

Nothobranchius

Het geslacht Nothobranchius omvat een groep bijzonder kleurrijke vissen die behoren tot de familie van de killivissen. Deze vissen komen oorspronkelijk uit de warme streken van Oost-Afrika. Ze staan in de aquariumwereld bekend als ‘seizoensvissen’ of ‘eenjarige vissen’. Dit komt doordat ze in de natuur leven in tijdelijke poelen en plassen die tijdens het droge seizoen volledig opdrogen.

Door deze extreme leefomgeving hebben ze een unieke levenscyclus ontwikkeld: ze groeien razendsnel van ei tot volwassen vis, paren veelvuldig en leggen eitjes die een lange droogte kunnen overleven. Voor de liefhebber zijn Nothobranchius-soorten echte juweeltjes. De mannetjes hebben vaak spectaculaire kleuren zoals felrood en blauw, terwijl de vrouwtjes wat onopvallender grijs of bruin zijn. Hoewel ze niet heel oud worden, is het houden en vooral het kweken van deze vissen een prachtige ervaring. Ze zijn ideaal voor aquarianen die zich willen verdiepen in een speciale manier van voortplanting met turf en een droogteperiode.

Naam en betekenis

Het geslacht Nothobranchius werd voor het eerst officieel beschreven in 1868 door de Duitse natuuronderzoeker Wilhelm Peters.

Deze vissen behoren tot de familie Nothobranchiidae. Dit is een specifieke familie waartoe veel Afrikaanse Killivissen behoren.

De wetenschappelijke naam is samengesteld uit twee Griekse woorden:

  • Nothos: dit betekent ‘vals’ of ‘onecht’.
  • Branchia: dit betekent ‘kieuw’.

Vrij vertaald betekent Nothobranchius dus “valse kieuw” of “onechte kieuw”. De naam verwijst naar de specifieke bouw van de kieuwen of kieuwdeksels bij deze vissen, die afwijkt van de standaardstructuur bij veel andere vissoorten.

Kenmerken

Als je naar een aquarium met Nothobranchius kijkt, valt één ding direct op: het enorme verschil tussen de mannetjes en de vrouwtjes. Dit noem je met een duur woord ‘seksueel dimorfisme’.

  • De mannetjes zijn de echte blikvangers. Ze hebben felle, iriserende kleuren zoals dieprood, felblauw en groen. Vaak hebben ze prachtige patronen op hun vinnen en lichaam, zoals stippen of strepen. Bij veel soorten, zoals de Nothobranchius guentheri, heeft de staartvin een opvallende kleur (vaak rood) met soms een zwarte rand.
  • De vrouwtjes zien er totaal anders uit. Ze zijn meestal grijs, bruin of zilverachtig en hebben geen felle kleuren of patronen. Dit lijkt misschien saai, maar in de natuur is dit essentieel: door hun schutkleur vallen ze minder op voor roofdieren, waardoor ze veilig eitjes kunnen leggen.

Grootte en Bouw
De meeste Nothobranchius-soorten blijven vrij klein. Gemiddeld worden ze tussen de 4 en 6 centimeter groot, al zijn er soorten die iets groter of kleiner blijven. Ze hebben een vrij compact en gestroomlijnd lichaam. De bek staat iets omhoog gericht, wat typisch is voor vissen die hun voedsel vaak aan het wateroppervlak of in de waterkolom zoeken.

Korte levensduur
Een belangrijk kenmerk dat je niet direct ziet, maar wel moet weten: deze vissen leven kort. Omdat ze in de natuur in tijdelijke poelen leven, zijn ze “geprogrammeerd” om heel snel te groeien. In het aquarium worden ze meestal niet ouder dan 1 tot 1,5 jaar.

Herkomst

De vissen uit het geslacht Nothobranchius komen oorspronkelijk uit het warme Oost-Afrika. Je vindt ze in landen zoals Tanzania, Mozambique, Zimbabwe en Zuid-Afrika.

In tegenstelling tot veel andere aquariumvissen, leven ze niet in grote, permanente meren of rivieren. Hun natuurlijke leefomgeving bestaat uit de savanne. Hier leven ze in tijdelijke poelen, sloten en moerassen die ontstaan tijdens het regenseizoen.

Een extreem leefgebied
Het leven in deze gebieden is hard. Tijdens het regenseizoen vullen kuilen en laagtes zich met water, waarin de vissen snel opgroeien. Wanneer het droge seizoen aanbreekt, verdampt het water langzaam totdat de poelen volledig opdrogen en de bodem uitdroogt. De volwassen vissen sterven dan, maar hun eitjes overleven in de droge modder tot de volgende regenperiode.

Hoewel ze vaak in de buurt van de kust worden gevonden, leven ze voornamelijk in zoet water. Ze kunnen echter ook goed tegen water met een klein beetje zout (brak water).

Nothobranchius palmqvisti

Auteur