Nannacara
Nannacara
Het geslacht Nannacara bestaat uit een groep fascinerende, kleine vissen die we ‘dwergcichliden’ noemen. Deze vissen komen oorspronkelijk uit de tropische wateren van Zuid-Amerika en zijn erg populair in de aquariumwereld. Waarom? Omdat ze relatief klein blijven, prachtige kleuren hebben (die vaak veranderen afhankelijk van hun stemming) en ontzettend interessant gedrag vertonen.
Vooral de manier waarop ze voor hun jongen zorgen is bijzonder om te zien. Nannacara-soorten zijn over het algemeen wat rustiger dan veel grote cichliden, waardoor ze, mits goed gehouden, ook geschikt kunnen zijn voor de serieuze beginner die net dat beetje extra uitdaging en interactie zoekt in het aquarium.
Naam en betekenis
De wetenschappelijke naam van dit geslacht is Nannacara. Deze naam is officieel beschreven in 1905 door de ichtyoloog C.T. Regan. Het geslacht behoort tot de familie van de Cichliden (Cichlidae).
De betekenis van de naam vertelt ons direct iets over het uiterlijk van deze vissen. De naam is een samenstelling van twee delen:
- nanus: dit betekent ‘dwerg’.
- Acara: dit verwijst naar een nauw verwant geslacht van cichliden dat Acara heet.
Samengevoegd betekent Nannacara dus letterlijk “Dwergacara”. Regan koos deze naam omdat de soort die hij beschreef (Nannacara anomala) met een lengte van ongeveer 55 tot 57 millimeter een stuk kleiner was dan de ‘gewone’ Acara’s.
Het woord Acara zelf heeft ook een interessante oorsprong. Het komt van acará, een woord uit de inheemse Tupí-Guaraní taal dat wordt gebruikt om cichliden aan te duiden.
Kenmerken
Wat direct opvalt bij vissen uit het geslacht Nannacara, is het grote verschil tussen de mannetjes en de vrouwtjes. In de biologie noemen we dit ‘geslachtsdimorfisme’ .
- De mannetjes
De mannetjes worden een stuk groter dan de vrouwtjes, meestal bereiken ze een lengte van ongeveer 8 tot 9 centimeter. Ze zijn vaak prachtig gekleurd. Bij de bekendste soort, de Nannacara anomala, heeft het mannetje een donkerbruine basiskleur waarbij elke schub een groen glanzend (iriserend) randje heeft. Hierdoor ontstaat het kenmerkende raster- of dambordpatroon waar de Nederlandse naam naar verwijst. Ook hebben de mannetjes vaak een verlengde rugvin met een mooie blauwe en rode rand. - De vrouwtjes
De vrouwtjes blijven aanzienlijk kleiner, vaak niet groter dan 5 centimeter. In rust zijn ze vrij onopvallend gekleurd, met bruine of grijze tinten die zorgen voor een goede schutkleur (camouflage). - Veranderende kleuren
Een van de meest fascinerende kenmerken is het vermogen van het vrouwtje om van kleur te veranderen op basis van haar stemming. Tijdens de paartijd wordt haar lichaam heel licht en verschijnen er donkere strepen (dwarsbanden). Als ze echter agressief is of haar jongen verdedigt, wordt haar hele lichaam donker en lichten haar ogen fel goudgeel op. Dit geeft haar, ondanks haar kleine formaat, een indrukwekkend en soms zelfs angstaanjagend uiterlijk.
Herkomst
Vissen uit het geslacht Nannacara zijn echte Zuid-Amerikanen. Ze komen voornamelijk voor in het noordelijke deel van het continent. Je vindt ze vooral in landen als Guyana, Suriname en Brazilië (met name in het stroomgebied van de Rio Negro).
In de natuur leven deze vissen niet in de grote, snelstromende hoofdrivieren, maar zoeken ze liever de rustigere plekjes op. Ze bewonen ondiepe beekjes, kreken en soms zelfs ondergelopen gebieden in de savanne.
Het water waarin ze leven kan variëren:
- Helder water: Beekjes met doorzichtig water.
- Zwartwater: Water dat de kleur van thee heeft. Dit komt door looizuren (tannines) die vrijkomen uit rottende bladeren en takken die op de bodem liggen.
In hun natuurlijke omgeving is de bodem vaak bedekt met een dikke laag afgevallen bladeren, takken en boomwortels. Dit zorgt niet alleen voor de donkere kleur van het water, maar biedt de vissen ook talloze schuilplaatsen. De stroming in deze wateren is meestal zwak tot matig.
Gedrag
Het gedrag van Nannacara-soorten is misschien wel de belangrijkste reden waarom ze zo geliefd zijn bij aquarianen. Zoals bij elk dier bestaat hun gedrag uit acties en reacties op hun omgeving en op elkaar. Over het algemeen staan ze bekend als vrij rustige en soms zelfs wat verlegen vissen, zeker in vergelijking met grotere cichliden. Buiten de paartijd zullen ze andere vissen in het aquarium dan ook meestal met rust laten.
Toch verandert dit gedrag compleet wanneer de vissen in de stemming komen om zich voort te planten.
- Baltsgedrag
Voordat er eitjes worden gelegd, zie je duidelijk baltsgedrag. Dit is speciaal gedrag dat dient om de partner te verleiden en de kans op een paring te vergroten. Bij Nannacara proberen het mannetje en vrouwtje indruk op elkaar te maken door hun vinnen te spreiden en kleuren te tonen. Dit zorgt er ook voor dat de natuurlijke agressie tussen de partners tijdelijk vermindert. - Territoriumdrang
Zodra er eitjes zijn, komt het territoriumgedrag sterk naar voren. Dit gedrag is bedoeld om een gebied af te bakenen en te verdedigen tegen binnendringers, zodat er genoeg veiligheid en ruimte is om de nakomelingen groot te brengen.Bij Nannacara is vooral het vrouwtje hierin bijzonder fel. Ze bewaakt de eitjes en jongen zeer agressief. Ze is zelfs in staat om vissen die veel groter zijn dan zijzelf aan te vallen en weg te jagen. In een kleiner aquarium loopt zelfs het mannetje gevaar; het vrouwtje ziet hem in deze periode vaak niet meer als partner, maar als een indringer die verjaagd moet worden.
Nannacara soorten
Hieronder vind je de Nannacara soorten die we hebben opgenomen in de database:

Toont alle 2 resultaten
Toont alle 2 resultaten
Auteur
Sinds ik op mijn twaalfde mijn eerste tweedehands aquarium kocht heb ik altijd wel een of meer aquariums gehad. Ik heb zelfs een garage ingericht als kweekruimte waarin ik in 50 aquariums zo’n 10.000 liter water in gebruik had. Op het moment heb ik nog twee aquariums. Een 1250 liter Tanganyika aquarium en een 250 liter gezelschapsaquarium met planten. De laatste 10 jaar heb ik aan deze website gewerkte als schrijver en fotograaf.


