Haplotaxodon microlepis
Haplotaxodon microlepis werd voor het eerst beschreven door George Albert Boulenger in 1906. De geslachtsnaam Haplotaxodon is afgeleid van het Grieks: “haploos” betekent enkelvoudig, “taxis” betekent ordening en “odous” betekent tand. Dit verwijst naar een kenmerk van de tanden van deze vissoort. De soortnaam microlepis is afgeleid van het Grieks: “micros” betekent klein en “lepis” betekent schub. Dit verwijst naar de kleine schubben van deze vis.
Beschrijving van Haplotaxodon microlepis
Uiterlijk: Haplotaxodon microlepis is een relatief grote vis, met een maximale lengte van 26 centimeter. Het lichaam is langwerpig en zijdelings afgeplat, beschreven als samengedrukt maar gedrongen, vrij hoog. De kop is zilverachtig van kleur, met oranje randen rond de lippen en een oranje vlek achter de kieuwdeksel. De flanken zijn zilverachtig met een horizontale middenband die het lichaam in twee delen scheidt. Boven de band is de kleur intenser, met afwisselende blauwachtige en gelige banden en vlekken. Onder de band is de kleur meer zilverachtig met gele insluitsels. De vinnen zijn doorzichtig, met lichte, ronde vlekken en een dunne gele rand bij de rugvin en staartvin. De staartvin heeft ook een zwarte vlek aan de basis. De schubben zijn klein, een kenmerk dat ook in de wetenschappelijke naam (microlepis) tot uiting komt.
Geslachtsverschillen: Er zijn subtiele verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes. Mannetjes vertonen een meer uitgesproken kleuring, met name de oranje vlekken achter de kieuwdeksel en aan de basis van de staartvin zijn bij hen duidelijker zichtbaar dan bij de vrouwtjes.
Gedrag en temperament: Haplotaxodon microlepis leeft solitair of in paren, soms in scholen in kustwateren langs rotsachtige kusten. Ze zijn niet agressief en worden beschreven als vreedzaam. Ze zijn geen bodembewoners, maar leven in de middenwateren en voeden zich met pelagische garnalen, copepoden, insectenlarven en jonge haringen.

Biotoop
Haplotaxodon microlepis is endemisch aan het Tanganyikameer en komt van nature voor in Burundi, Kongo (Democratische Republiek), Tanzania en Zambia. Ze leven in het meer zelf, niet in rivieren of andere waterlopen die ermee verbonden zijn.
Deze cichlide bewoont de open wateren van het Tanganyikameer, solitair of in paren, en soms in scholen in kustwateren langs rotsachtige kusten tot een diepte van 30 meter.
Natuurlijke vijanden: De documenten vermelden geen specifieke natuurlijke vijanden van Haplotaxodon microlepis. Aangezien ze in de open wateren leven en zich voeden met pelagische garnalen, copepoden, insectenlarven en jonge haringen, is het waarschijnlijk dat ze prooi zijn voor grotere roofvissen in het Tanganyikameer.
Dieet van Haplotaxodon microlepis
Dieet in het wild: Haplotaxodon microlepis is een carnivoor die zich in het wild voedt met pelagische garnalen, copepoden (kleine kreeftachtigen), insectenlarven en jonge haringen (Clupeiden), specifiek Limnothrissa miodon en Stolothrissa tanganicae. Ze leven in de open wateren van het Tanganyikameer en jagen op deze prooien in de middenwateren. Een studie naar de tandstructuur bevestigt dat ze een breed spectrum aan voedsel consumeren, hoewel hun tanden niet sterk gespecialiseerd zijn voor het vangen of verwerken van prooi.
Dieet in het aquarium: In een aquarium dient Haplotaxodon microlepis levend voer te krijgen, zoals Artemia, watervlooien en muggenlarven. Droogvoer wordt ook geaccepteerd, maar levend voer is essentieel voor een gebalanceerd dieet. Om voedingstekorten te voorkomen, is het aan te raden om verschillende soorten voedsel te geven. Overvoeding moet worden vermeden om watervervuiling te voorkomen; het is beter om meerdere kleine porties per dag te geven in plaats van één grote maaltijd.
Haplotaxodon microlepis kan het beste als een school gehouden worden. Het is dus aan te raden om minimaal 10 stuks van deze vissen aan te schaffen. Het aquarium moet aan de achtergrond met stenen worden ingericht. In het missen moet zeer veel vrije zwemruimte worden open gelaten. Planten worden met rust gelaten en kunnen dus ook als decoratie worden gebruikt.

Het Haplotaxodon microlepis Aquarium
Aquariumgrootte en inrichting: Voor een school van minimaal 10 Haplotaxodon microlepis is een aquarium van minimaal 1000 liter aanbevolen. Een groter aquarium is nodig bij het houden van meerdere scholen. De achtergrond van het aquarium dient te worden ingericht met stenen, waarbij veel vrije zwemruimte in het midden moet worden gelaten. Planten kunnen worden gebruikt als decoratie, maar zijn niet noodzakelijk. Het substraat kan bestaan uit zand. De toevoeging van kalksteenrotsen, zoals molenstenen of travertijn, kan de waterwaarden verbeteren en een meer natuurlijke omgeving creëren.
Waterwaarden: De optimale waterwaarden zijn een temperatuur tussen 23°C en 28°C, een pH tussen 7,8 en 8,8 en een hardheid (dH) tussen 10 en 15.
Compatibiliteit met andere vissen: Aangezien Haplotaxodon microlepis een vreedzame soort is, is het belangrijk om soorten te kiezen die vergelijkbaar van formaat zijn en geen agressief gedrag vertonen. Het is raadzaam om meerdere soorten van hetzelfde geslacht of verschillende variëteiten van dezelfde soort niet te mengen om hybridisatie te voorkomen.
Kweek van Haplotaxodon microlepis in het Aquarium
De documenten geven aan dat Haplotaxodon microlepis een biparentale muilbroeder is, waarbij zowel het mannetje als het vrouwtje de eieren en larven in hun bek dragen. Echter, de documenten bevatten geen gedetailleerde informatie over het kweken van deze soort in een aquarium. Er wordt wel melding gemaakt van een poging tot kweek in een aquarium van 500 liter, waarbij twee paren werden gehouden. Deze paren vertoonden echter stress, wat werd verholpen door de verlichting te dimmen en levende voeding te geven. De auteur beschrijft de succesvolle introductie van diepvriesvoer (copepoden, daphnia, mysis, krill en een mengsel), maar meldt geen succesvolle voortplanting. De auteur geeft aan dat een groter aquarium en meer levend voer mogelijk de kweek zouden kunnen bevorderen.
De eieren worden na de bevruchting door beide ouders in hun bek gedragen. De eieren komen na ongeveer 10 dagen uit, waarna de jongen nog enige tijd in de bek van de ouders blijven. De jongen beginnen vrij te zwemmen na ongeveer 4 dagen na het uitkomen, en bereiken een totale lengte van 4.6-4.8 mm. Zowel het mannetje als het vrouwtje verzorgen de jongen, waarbij oudere jongen bij gevaar de bek van het mannetje opzoeken.

Conclusie
Haplotaxodon microlepis is een fascinerende cichlide uit het Tanganyikameer, met een relatief vreedzaam karakter en een interessant dieet, bestaande uit pelagische garnalen en kleine visjes. Hoewel ze als “Least Concern” worden geclassificeerd door de IUCN, vereist succesvolle aquariumhouderij een ruim aquarium (minimaal 1000 liter voor een school van 10 vissen) met specifieke waterparameters (pH 7.8-8.8, temperatuur 23-28°C). Het zijn geen beginnersvissen, gezien de specifieke eisen aan de waterkwaliteit en de behoefte aan levend voer.
De kweek in een aquarium blijkt uitdagend, met succesvolle voortplanting die nog niet volledig is gedocumenteerd. De biparentale muilbroedzorg is een opvallende karakteristiek. De observaties suggereren dat een groter aquarium en een gevarieerd dieet, inclusief levend voer, essentieel zijn voor succesvolle kweek. Meer onderzoek is nodig om de optimale kweekomstandigheden te bepalen. Over het algemeen zijn het interessante vissen, maar hun specifieke behoeften maken ze niet geschikt voor beginnende aquariumhouders.
Video
Auteur
John de Lange
Copyright foto’s
Suephoto.com (Originele website niet meer online)
Andra Haak
Bibliografie
Hieronder vindt u een bibliografie van alle bronnen die in dit document zijn geciteerd.
- Wikipedia. Haplotaxodon microlepis. Geraadpleegd op 7-6-2025.
- Fishbase. Haplotaxodon microlepis. Geraadpleegd op 7-6-2025. https://fishbase.se/summary/SpeciesSummary.php?genusname=Haplotaxodon&speciesname=microlepis&lang=English
- Fishipedia. Haplotaxodon microlepis. Geraadpleegd op 7-6-2025.
- Greven, H., Hagemann, D., & Clemen, G. (2006). Scanning electron microscopy of the dentition in four cichlids (tribes Perissodini and Tropheini) of Lake Tanganyika showing different trophic types. Verhandlungen der Gesellschaft für Ichthyologie, 5, 247-268.
- Kuwamura, T. (1988). Biparental mouthbrooding and guarding in a Tanganyikan cichlid, Haplotaxodon microlepis. Ichthyological Research, 35(2), 163-170. DOI: 10.1007/BF02906685





