Dawkinsia apsara
Dawkinsia apsara is voor het eerst beschreven door Katwate, Marcus Knight, Anoop, Raghavan en Dahanukar in 2020. In het Nederlands wordt deze vis vaak aangeduid als de Apsara Barbeel.
Dawkinsia apsara behoort tot de familie Cyprinidae, die bekend staat als de karperachtigen. Deze familie omvat een breed scala aan zoetwatervissen, waaronder veel populaire aquariumvissen.
De geslachtsnaam Dawkinsia is vernoemd naar de Britse etholoog en evolutionair bioloog Richard Dawkins, ter erkenning van zijn bijdrage aan het publieke begrip van de wetenschap, met name de evolutionaire wetenschap. De soortnaam apsara is afgeleid van het Sanskriet woord “अप्सराः” (uitgesproken als “ap-sar/ā”), wat verwijst naar de mooiste hemelse nimfen in de hindoeïstische mythologie. Deze naam weerspiegelt de opvallende en sensationele kleuren van de soort.
Beschrijving
Dawkinsia apsara heeft een slank en gestroomlijnd lichaam dat typisch is voor veel soorten in de familie Cyprinidae. De vis heeft een lengte die kan oplopen tot ongeveer 12 centimeter (totale lengte). De kop is relatief klein en de mond is naar beneden gericht, wat typisch is voor vissen die zich voeden met kleine organismen in het water.
Kleur en Patronen
De kleur van de kop en de flank is overwegend diep olijfgroen tot bruin, met een donkerdere tint op de rug. Volwassen mannelijke exemplaren vertonen een opvallende diep rode kleur op de snuit en een diep blauwe glans op de kieuwdeksels en de zijkanten van het lichaam. Een kenmerkend patroon is de diep scharlaken rode stippenlijn die langs de schubbenrij van de laterale lijn loopt. De vinnen zijn over het algemeen doorzichtig, met de dorsale vin vaak een donkerdere tint, zoals donkerrood.
De kleuren worden in het wild op hun mooist in de winter. De luchttemperatuur in de zomer loopt op tot boven de 40 graden Celsius. In de winter is het wat koeler zo rond de 26 graden.
Verschillen tussen Mannetjes en Vrouwtjes
Er zijn enkele fysieke verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke Dawkinsia apsara. Mannetjes hebben vaak een meer uitgesproken kleurpatroon, vooral tijdens het broedseizoen, wanneer ze helderder en levendiger van kleur zijn. Vrouwtjes zijn meestal minder fel gekleurd en hebben een meer gedempte uitstraling. Gedragsmatig zijn mannetjes vaak actiever en kunnen ze territoriaal zijn tijdens de paartijd, terwijl vrouwtjes meer geneigd zijn om zich terug te trekken in rustiger water.
Juvenielen versus Volwassen Exemplaren
Juveniele exemplaren van Dawkinsia apsara zijn meestal minder kleurrijk en hebben een meer uniforme kleur. Naarmate ze volwassen worden, ontwikkelen ze de kenmerkende kleuren en patronen die deze soort zo aantrekkelijk maken voor aquaria. Volwassen vissen zijn ook groter en hebben een meer uitgesproken lichaamsvorm.
Gedrag en Temperament
Dawkinsia apsara is over het algemeen een vredelievende en sociaal ingestelde vis. Ze zijn het beste te houden in groepen van zes of meer, omdat ze van nature in scholen leven. Dit groepsgedrag helpt hen zich veiliger te voelen en bevordert hun welzijn. Ze zijn actieve zwemmers en verkennen graag hun omgeving, wat hen een levendige aanvulling maakt op elk aquarium.
Deze soort is niet schuw en zal zich vaak in het midden van het aquarium bevinden, waar ze vrij kunnen zwemmen. Ze zijn geen bodembewoners, maar zwemmen liever in de open waterlagen. Hun actieve gedrag en sociale aard maken ze een plezier om naar te kijken.
Levensverwachting
In het wild kan de levensverwachting van Dawkinsia apsara variëren, maar ze kunnen doorgaans tot 3 tot 5 jaar oud worden. In een goed onderhouden aquarium, met de juiste zorg en omstandigheden, kunnen ze zelfs ouder worden, tot wel 6 jaar of meer. Het is belangrijk om een geschikte omgeving te bieden, met goede waterkwaliteit en een uitgebalanceerd dieet, om hun levensduur te maximaliseren.

Verschillen tussen Dawkinsia apsara en Vergelijkbare Soorten
Dawkinsia apsara is een unieke soort binnen het geslacht Dawkinsia, dat bekend staat om zijn kleurrijke en aantrekkelijke vissen. Er zijn verschillende andere soorten binnen dit geslacht, en het kan soms moeilijk zijn om ze van elkaar te onderscheiden. Hieronder worden de belangrijkste verschillen tussen Dawkinsia apsara en enkele vergelijkbare soorten besproken, evenals tips om ze uit elkaar te houden.
Kenmerken van Dawkinsia apsara
Dawkinsia apsara kan worden gekarakteriseerd door de volgende eigenschappen:
- Lichaamskleur: De volwassen mannelijke vissen hebben een diep scharlaken rode kleur op de snuit en een opvallende diep blauwe glans op de kieuwdeksels en de zijkanten van het lichaam.
- Patronen: Er is een kenmerkende diep scharlaken rode stippenlijn die langs de schubbenrij van de laterale lijn loopt.
- Vinnen: De vinnen zijn over het algemeen doorzichtig of hyalien, met de dorsale vin vaak een donkerdere tint, zoals donkerrood.
- Mond: De mond is inferieur, wat betekent dat deze naar beneden gericht is, en de hoek van de mond reikt niet tot aan de verticale lijn door de achterste neusgaten.
Vergelijkbare Soorten
1. Dawkinsia assimilis
- Kleur: Mannetjes hebben een minder uitgesproken kleur dan D. apsara en vertonen vaak een bruinere tint.
- Patronen: D. assimilis heeft geen opvallende scharlaken rode stippenlijn zoals D. apsara. In plaats daarvan heeft het een meer uniforme kleur.
- Vinnen: De rugvin van D. assimilis heeft filamenten die verder uitsteken dan die van D. apsara.
- Mond: De hoek van de mond van D. assimilis reikt tot aan de verticale lijn door de achterste neusgaten, in tegenstelling tot D. apsara.
2. Dawkinsia austellus
- Kleur: D. austellus heeft een minder uitgesproken kleurpatroon en mist de felgekleurde kenmerken van D. apsara.
- Patronen: De vlek op de staartbasis is anders van vorm en grootte in vergelijking met die van D. apsara.
- Vinnen: De borstvinnen van D. austellus zijn langer en reiken tot aan de niveau van de buikvinnen, terwijl die van D. apsara korter zijn.
3. Dawkinsia filamentosa
- Kleur: D. filamentosa heeft een meer gedempte kleur en mist de levendige kleuren van D. apsara.
- Patronen: Deze soort heeft geen duidelijke scharlaken rode stippenlijn en vertoont een andere schubbenstructuur.
- Mond: De mond van D. filamentosa is terminal of subterminal, in tegenstelling tot de inferieure mond van D. apsara.
Hoe de Soorten uit Elkaar te Houden
Om Dawkinsia apsara te onderscheiden van andere soorten binnen het geslacht, zijn er enkele praktische tips:
- Kleur en Patronen: Let op de kleurintensiteit en de aanwezigheid van de scarlet stippenlijn. Mannetjes van D. apsara zijn vaak levendiger gekleurd dan hun soortgenoten.
- Vinnen: Observeer de vinvorm en -lengte. De rugvin van D. apsara heeft geen filamenten die verder uitsteken, terwijl andere soorten dat wel kunnen hebben.
- Mondstructuur: Controleer de mondpositie. De inferieure mond van D. apsara is een belangrijk kenmerk dat helpt bij identificatie.
Door deze kenmerken in gedachten te houden, kunnen aquariumhouders en liefhebbers van deze vissen de verschillende soorten binnen het geslacht Dawkinsia effectief uit elkaar houden.

Biotoop
De Apsara Barbeel, komt van nature voor in India, specifiek in de deelstaten Karnataka en Kerala. Deze vissen zijn te vinden in de bovenste stroomgebieden van de Sowparnika River en de Sita River.
Deze soort is een rivierbewoner en leeft in stromende wateren. Ze zijn te vinden in stroompjes en grote, diepe poelen binnen de hoofdloop van de rivier. De waterstromen waarin ze leven zijn meestal langzaam, wat hen een veilige omgeving biedt om te zwemmen en zich te verstoppen.
Natuurlijke Habitat
Het natuurlijke habitat van Dawkinsia apsara is gekenmerkt door een bodem die bestaat uit zand, bedrock (rotsachtige ondergrond), grote keien en grind. Dit soort substraat biedt een geschikte omgeving voor hun natuurlijke gedrag en voeding.
Wat betreft de onderwaterbegroeiing, deze vissen leven in gebieden met een matige tot lage vegetatie. Er zijn vaak geen dichte onderwaterplanten, maar ze kunnen wel in de nabijheid van enkele robuuste planten worden aangetroffen. De randen van het water zijn meestal begroeid met bomen en andere vegetatie, wat schaduw en beschutting biedt.
Natuurlijke Vijanden
In hun natuurlijke omgeving hebben Dawkinsia apsara verschillende natuurlijke vijanden, waaronder grotere vissen en andere roofdieren die in dezelfde wateren leven. Deze vissen zijn echter ook zelf jagers en voeden zich met kleine ongewervelde dieren en plantaardig materiaal, wat hen helpt om te overleven in hun habitat.
Klimaat
Dawkinsia apsara leeft in een tropisch klimaat, waar de temperaturen doorgaans warm zijn en er voldoende neerslag valt. Dit klimaat kan seizoensgebonden overstromingen met zich meebrengen, vooral tijdens de moessonperiode, wat invloed heeft op hun leefgebied en de beschikbaarheid van voedsel. Tijdens droge periodes kunnen de waterstanden dalen, wat de vissen dwingt om zich aan te passen aan veranderende omstandigheden in hun omgeving.

Dieet
Voeding in het Wild
In hun natuurlijke habitat zijn Dawkinsia apsara omnivoren, wat betekent dat ze zowel plantaardig als dierlijk voedsel eten. In het wild voeden ze zich voornamelijk met kleine ongewervelde dieren zoals insectenlarven, kleine kreeftachtigen en plankton. Daarnaast consumeren ze ook fijn plantaardig materiaal, zoals algen en andere waterplanten. Deze gevarieerde voeding helpt hen om de nodige voedingsstoffen binnen te krijgen voor hun groei en ontwikkeling.
Voeding in het Aquarium
In een aquarium is het belangrijk om een evenwichtig dieet te bieden dat de natuurlijke voedingsgewoonten van Dawkinsia apsara nabootst. Ze kunnen worden gevoerd met een verscheidenheid aan voedsel, waaronder:
- Droogvoer: Dit kan bestaan uit hoogwaardige vlokken of pellets die speciaal zijn ontworpen voor tropische vissen. Zorg ervoor dat het voedsel rijk is aan eiwitten en andere essentiële voedingsstoffen.
- Diepvriesvoedsel: Voedsel zoals bevroren artemia, daphnia (watervlooien) en muggenlarven zijn uitstekende opties. Deze voedingsmiddelen zijn rijk aan eiwitten en stimuleren de natuurlijke jachtinstincten van de vissen.
- Vers voedsel: Je kunt ook kleine stukjes groenten zoals courgette of spinazie aanbieden. Zorg ervoor dat deze goed gewassen en in kleine stukjes gesneden zijn, zodat de vissen ze gemakkelijk kunnen eten.
Het is belangrijk om de vissen niet te overvoeren. Een goede richtlijn is om ze twee keer per dag kleine hoeveelheden voedsel te geven, die binnen enkele minuten moeten worden opgegeten. Dit helpt om de waterkwaliteit in het aquarium te behouden en voorkomt dat er ongebruikt voedsel op de bodem blijft liggen, wat kan leiden tot vervuiling.
Door een gevarieerd dieet aan te bieden, zorg je ervoor dat Dawkinsia apsara gezond en actief blijft, wat bijdraagt aan hun algehele welzijn in het aquarium.

Het Aquarium
Voor het houden van Dawkinsia apsara is een aquarium van minimaal 120 centimeter lengte aanbevolen, vooral als je een groep van zes of meer vissen wilt houden. Dit biedt voldoende ruimte voor de vissen om te zwemmen en zich comfortabel te voelen. Als je een grotere groep wil houden, is het aan te raden om een aquarium van 150 centimeter of meer te gebruiken om voldoende ruimte en territorium te bieden.
Inrichting van het Aquarium
De inrichting van het aquarium is belangrijk voor het welzijn van Dawkinsia apsara. Hier zijn enkele richtlijnen voor de inrichting:
- Planten: Het is belangrijk om het aquarium te voorzien van robuste planten zoals Lagenandra of Anubias, omdat deze soorten beter bestand zijn tegen het knabbelen van de vissen. Zorg voor een mix van open zwemruimtes en gebieden met begroeiing, zodat de vissen zich kunnen verstoppen en hun natuurlijke gedrag kunnen vertonen.
- Rotsen en Hout: Voeg enkele rotsen en kienhout toe om schuilplaatsen te creëren en de natuurlijke omgeving na te bootsen. Dit helpt ook bij het creëren van territoria binnen het aquarium.
- Substraat: Gebruik een fijn grind of zand als substraat. Dit type bodem is ideaal omdat het de vissen niet verwondt en het gemakkelijk is om de waterkwaliteit te onderhouden.
Waterwaardes
De beste waterwaardes voor Dawkinsia apsara in het aquarium zijn als volgt:
- Temperatuur: 19-26 °C
- pH-waarde: 6,0 – 6,5
- Hardheid: Zacht tot gemiddeld (tot ongeveer 10 dGH)
Het is belangrijk om regelmatig de waterkwaliteit te controleren en ervoor te zorgen dat de waarden binnen deze richtlijnen blijven om de gezondheid van de vissen te waarborgen.
Compatibiliteit met Andere Bewoners
Dawkinsia apsara is over het algemeen een vredelievende soort en kan goed worden gehouden met andere vergelijkbare vissen. Geschikte medebewoners zijn onder andere:
- Neocaridina garnalen: Deze kleine garnalen zijn een goede aanvulling en helpen bij het schoonhouden van het aquarium.
- Kleine Corydoras: Deze bodembewoners zijn vredelievend en kunnen goed samenleven met Dawkinsia apsara.
- Andere kleine, vredelievende barbelen: Zoals de Sherrybarbeel of Tijger Barbeel.
Soorten die minder geschikt zijn om samen te houden met Dawkinsia apsara zijn grotere of agressieve vissen, zoals Cichliden of grote barbelen die territoriaal kunnen zijn. Het is belangrijk om altijd de compatibiliteit van vissen te overwegen om een harmonieuze aquariumomgeving te creëren.

Kweek Aquarium en Conditioneren
Dawkinsia apsara kan succesvol worden gekweekt in een speciaal kweekaquarium, hoewel er ook meldingen zijn van succesvolle kweek in een gewoon aquarium. Voor de beste resultaten is het echter aan te raden om een speciaal kweekaquarium te gebruiken.
Het Kweekaquarium
Een kweekaquarium van minimaal 100 liter is ideaal voor het kweken van Dawkinsia apsara. Dit biedt voldoende ruimte voor de vissen om zich te bewegen en hun natuurlijke gedrag te vertonen.
Waterkwaliteit
De waterkwaliteit is belangrijk voor het kweken van deze soort. De aanbevolen waterparameters zijn:
- Temperatuur: 24-26 °C
- pH-waarde: 6,0 – 6,5
- Hardheid: Zacht tot gemiddeld (tot ongeveer 10 dGH)
Het is belangrijk om regelmatig de waterkwaliteit te controleren en ervoor te zorgen dat deze binnen de aanbevolen waarden blijft.
Verlichting en Filter
De verlichting in het kweekaquarium moet helder maar niet te fel zijn, om een natuurlijke omgeving te simuleren. Een lichtcyclus van ongeveer 12 uur per dag is ideaal. Voor filtratie is een extern filter aan te raden, dat zorgt voor een goede watercirculatie en filtratie, wat essentieel is voor de gezondheid van de vissen en de ontwikkeling van de eitjes.
Voeding en Conditionering
Voor de kweek is het belangrijk om de vissen goed voor te bereiden. Ze kunnen worden geconditioneerd met een dieet dat rijk is aan eiwitten, zoals:
- Diepvriesvoedsel: zoals artemia en daphnia.
- Hoogwaardige vlokken of pellets: speciaal ontworpen voor tropische vissen.
- Vers voedsel: zoals kleine stukjes groenten of andere plantaardige voedingsmiddelen.
Door de vissen een gevarieerd en voedzaam dieet te geven, worden ze gestimuleerd om zich voor te bereiden op de voortplanting.
Kweekgedrag
Het is aan te raden om de mannelijke en vrouwelijke vissen tijdelijk uit elkaar te halen en ze weer samen te brengen om de kweek te stimuleren. Dit kan helpen om de vissen te laten wennen aan de afwezigheid van elkaar en kan hun kweekgedrag bevorderen wanneer ze weer samen worden geplaatst.
Ratio tussen de Sekses
Voor een kweekgroep is een ratio van 1 mannetje op 2-3 vrouwtjes ideaal. Dit zorgt ervoor dat de mannetjes niet te agressief zijn tegenover de vrouwtjes en dat er voldoende kansen zijn voor de vrouwtjes om te paren.
Het Afzetten
Tijdens het afzetten vertonen Dawkinsia apsara een intensivering van hun kleuren. De mannelijke vissen worden bijzonder levendig, met een diepere rood en blauw tint op hun lichaam en vinnen. De snuit van de mannetjes kan een heldere diep scharlaken rode kleur aannemen, wat een teken is van hun bereidheid om te paren. Deze kleurverandering is een visueel signaal voor de vrouwtjes en helpt om hun aandacht te trekken.
Ritueel van Hofmaken
Het hofmaken bij Dawkinsia apsara is een dynamisch en actief proces. Mannetjes zullen vaak rond de vrouwtjes zwemmen, waarbij ze hun kleuren laten zien en hun vinnen spreiden om indruk te maken. Dit gedrag kan gepaard gaan met snelle zwembewegingen en cirkelvormige dansen, waarbij de mannetjes proberen de vrouwtjes te verleiden. Het ritueel kan enige tijd duren, waarbij de mannetjes hun beste gedrag vertonen om de vrouwtjes te overtuigen om te paren.
Eieren en Legplaats
Dawkinsia apsara zijn vrijleggers, wat betekent dat ze hun eieren vrij in het water leggen. Het afzetten vindt meestal plaats in de vroege ochtend, wanneer de vissen het meest actief zijn. De vrouwtjes leggen hun eieren in de nabijheid van planten of op een schone ondergrond, zoals grind of zand. Dit biedt enige bescherming voor de eieren tegen predatie.
Aantal en Kenmerken van de Eieren
Bij het afzetten kunnen vrouwtjes tussen de 100 en 200 eieren leggen, afhankelijk van hun grootte en gezondheid. De eieren zijn klein, met een diameter van ongeveer 1 millimeter, en hebben een heldere of lichtgele kleur. Deze eieren zijn kleverig, waardoor ze zich kunnen hechten aan de ondergrond of aan de bladeren van planten, wat helpt om ze te beschermen tegen stroming en predatoren.
Na het afzetten blijven de mannetjes in het wild vaak in de buurt van de eieren om ze te beschermen, hoewel ze geen echte broedzorg vertonen zoals sommige andere soorten. Dit maakt het afzetten van Dawkinsia apsara een fascinerend proces dat de levendige kleuren en het sociale gedrag van deze vissen benadrukt.
Bij de kweek van Dawkinsia apsara in het aquarium is het aan te raden om de ouders na het afzetten van de eieren te verwijderen. Hoewel de mannelijke vissen in de buurt van de eieren blijven om ze te beschermen, bieden ze geen actieve ouderlijke zorg. Het is mogelijk dat de ouders de jonge vissen als voedsel beschouwen, vooral als ze hongerig zijn. Door de ouders te verwijderen, vergroot je de kans dat de jonge vissen veilig opgroeien en niet worden opgegeten.
Het is belangrijk om de jonge vissen in een aparte tank te plaatsen, waar ze kunnen worden gevoed en beschermd totdat ze groot genoeg zijn om zelfstandig te overleven. Dit helpt ook om de stress voor de jonge vissen te minimaliseren en zorgt voor een betere overlevingskans.
Opgroeien van de Jonge Vissen
De eieren van Dawkinsia apsara komen doorgaans uit na een periode van 24 tot 48 uur, afhankelijk van de watertemperatuur en de waterkwaliteit. Dit snelle uitkomen is een teken van een gezonde kweekomgeving.
Vrij Zwemmen
Na het uitkomen blijven de jonge vissen aanvankelijk aan de bodem van het aquarium en zijn ze nog niet in staat om vrij te zwemmen. Ze beginnen meestal na ongeveer 3 tot 5 dagen vrij te zwemmen, wanneer ze hun zwemblazen volledig hebben ontwikkeld en in staat zijn om zelfstandig te bewegen.
Ouderlijke Zorg
Dawkinsia apsara vertoont geen significante ouderlijke zorg na het afzetten. Hoewel de mannelijke vissen in de buurt van de eieren blijven om ze te beschermen tegen predatoren, is er geen actieve zorg voor de jongen nadat ze zijn uitgekomen. De jonge vissen zijn op zichzelf aangewezen en moeten hun eigen voedsel vinden.
Eerste Voeding van de Jonge Vissen
De eerste voeding voor de jonge Dawkinsia apsara bestaat uit zeer fijn voedsel, zoals infusoria of fijngewreven vlokken. Het is belangrijk om voedsel te bieden dat klein genoeg is voor de jonge vissen om te kunnen eten. Ze kunnen ook worden gevoerd met levend voedsel zoals pas uitgekomen artemia, wat een uitstekende bron van eiwitten is voor hun groei.
De jonge vissen moeten meerdere keren per dag worden gevoerd, idealiter 3 tot 4 keer per dag, met kleine hoeveelheden voedsel die binnen enkele minuten worden opgegeten. Dit helpt om hun groei te bevorderen en ervoor te zorgen dat ze voldoende voedingsstoffen binnenkrijgen.
Conclusie
Dawkinsia apsara is een prachtige en actieve vissoort die ideaal is voor zowel beginnende als ervaren aquariumhouders. Ze zijn relatief gemakkelijk te verzorgen, mits de juiste waterparameters en een goed ingericht aquarium worden geboden. Het is aan te raden om deze vissen in groepen van zes of meer te houden, wat hun sociale gedrag bevordert en hun welzijn ten goede komt. Hun levendige kleuren en interessante kweekgedrag maken ze een aantrekkelijke keuze voor liefhebbers van tropische vissen.
Tijdens het houden van Dawkinsia apsara kan het gedrag van de vissen bijzonder fascinerend zijn, vooral tijdens het afzetten en het hofmaken. Hoewel ze geen ouderlijke zorg bieden, zijn ze vreedzaam en kunnen ze goed samenleven met andere kleine, niet-agressieve soorten. Over het algemeen is de ervaring met het houden van deze soort positief, en met de juiste zorg kunnen ze een levendige aanvulling zijn op elk aquarium.
Veel gestelde vragen – FAQ
Waar komt Dawkinsia apsara oorspronkelijk vandaan?
Dawkinsia apsara komt uit Sri Lanka, waar hij voorkomt in heldere, stromende beken en rivieren.
Hoe ziet Dawkinsia apsara eruit qua kleur en formaat?
De kleur van de kop en de flank is overwegend diep olijfgroen tot bruin, met een donkerdere tint op de rug. Volwassen mannelijke exemplaren vertonen een opvallende diep rode kleur op de snuit en een diep blauwe glans op de kieuwdeksels en de zijkanten van het lichaam.
Met welke andere vissen kan Dawkinsia apsara samen gehouden worden?
Dawkinsia apsara is vreedzaam en kan goed samen met andere vreedzame vissen in een gezelschapsaquarium.
Wat is de ideale temperatuur en pH voor Dawkinsia apsara?
De ideale temperatuur ligt tussen 24 en 26°C. De pH-waarde moet tussen 6,0 en 6,5 liggen.
Welke inrichting heeft het aquarium voor Dawkinsia apsara nodig?
Zorg voor een aquarium van minimaal 120 cm lengte met voldoende zwemruimte, stroming, beplanting en schuilplaatsen.
Wat eet Dawkinsia apsara het liefst?
Deze soort eet graag klein levend of diepvriesvoer, maar accepteert ook droogvoer.
Is het mogelijk om Dawkinsia apsara te kweken in het aquarium?
Kweek is mogelijk, maar lastig. Ze zetten eieren af tussen fijnbladige planten.
Hoe groot moet het aquarium minimaal zijn voor Dawkinsia apsara?
Een aquarium van minimaal 120 cm lengte wordt aanbevolen voor een groep.
Kan Dawkinsia apsara alleen gehouden worden?
Nee, het is een scholenvis en moet in een groep van minimaal zes exemplaren gehouden worden.
Video
Auteur
Sinds ik op mijn twaalfde mijn eerste tweedehands aquarium kocht heb ik altijd wel een of meer aquariums gehad. Ik heb zelfs een garage ingericht als kweekruimte waarin ik in 50 aquariums zo’n 10.000 liter water in gebruik had. Op het moment heb ik nog twee aquariums. Een 1250 liter Tanganyika aquarium en een 250 liter gezelschapsaquarium met planten. De laatste 10 jaar heb ik aan deze website gewerkte als schrijver en fotograaf.
Copyright foto’s
Klaus Rudloff – Biolib.cz
Beta Mahatvaraj
Bibliografie
Katwate, U., Knight, J. D. M., Anoop, V. K., Raghavan, R., & Dahanukar, N. (2020). Three new species of filament barbs of the genus Dawkinsia (Teleostei: Cyprinidae) from the Western Ghats of India. Senckenberg Gesellschaft für Naturforschung.




